Voor Am Jisraëel gelden 613 mitswot (opdrachten) en voor benee Noach zeven mitswot. En zoals bekend bij de lezers van onze blogs zijn er voor benee Noach de volgende twee belangrijke vuistregels om in gedachten te houden:

Vuistregel 1

כללו של דבר אין מניחין אותן לחדש דת ולעשות מצות לעצמן מדעתן אלא או יהיה גר צדק ויקבל כל המצות או יעמוד בתורתו ולא יוסיף ולא יגרע

Het algemene principe over deze zaken is: ze mogen geen nieuwe religie of mitswot voor zichzelf maken gebaseerd op hun eigen beslissingen. Ze mogen of bekeerlingen worden en alle mitswot accepteren of hun status behouden zonder daar aan toe te voegen of aan te verminderen. 

Misjnee Tora, hilchoth melachiem oe’milchoteehem, hoofdstuk 10, halacha 12

Vuistregel 2

בן נח שרצה לעשות מצוה משאר מצות התורה כדי לקבל שכר אין מונעין אותו לעשותה כהלכתה

We behoren een niet-Jood niet tegen te houden om één van de mitswot van de Tora te vervullen met als doel het verkrijgen van de verdienste voor het verrichten van deze mitswa, mits hij dit uitvoert zoals voorgeschreven.

Misjnee Tora, hilchoth melachiem oe’milchoteehem, hoofdstuk 10, halacha 13

Voor benee Noach is er naast het vervullen van de zeven mitswot de mogelijkheid om extra mitswot te vervullen, mits de twee bovengenoemde vuistregels in gedachten worden gehouden.

Er rijst dan de vraag of een dergelijke ben Noach, die goed thuis is in de Joodse traditie en extra mitswot vervult, ook benee Jisraëel mag helpen met het doen van sjechita? 

De halacha geeft hier echter een grens aan tussen benee Noach en benee Jisraëel:

עכו”ם ששחט אע”פ ששחט בפני ישראל בסכין יפה ואפילו היה קטן שחיטתו נבלה

Wanneer een niet-Jood slacht, zelfs als hij slacht in het bijzijn van een Jood, [gebruik makend van] een goed [geslepen] mes, en zelfs als hij minderjarig was, is zijn slacht nebela.

Misjnee Tora, hilchoth sjechita, hoofdstuk 4, halacha 11

‘Nebela’ wil zeggen dat het geslachte dier niet koosjer is en beschouwd wordt alsof het een natuurlijke dood is gestorven, zoals geschreven staat in de Tora:

לֹ֣א תֹאכְל֣וּ כָל־נְ֠בֵלָה

Je mag niets eten dat een natuurlijke dood is gestorven.

Debariem 14:21      

Voorts voegt de Rambam ter duidelijkheid toe:

גדר גדול גדרו בדבר שאפילו עכו”ם שאינו עובד ע”ז שחיטתו נבלה

[Onze geleerden] hebben een grote beveiliging gemaakt, door te [verordenen] dat [een dier] geslacht door een niet-Jood die niet aan afgoderij doet nebela is.

Misjnee Tora, hilchoth sjechita, hoofdstuk 4, halacha 12

Het is dus aan Am Jisraëel om zelf sjechita te blijven doen en koosjer te eten, zoals we al zo’n 400 jaar in Nederland doen en IJ”H blijven doen.

Pin It on Pinterest

Share This